Ieder
jaar koop ik een nieuwe vulling voor mijn agenda, een zwarte. Die gebruik ik al
jaren. Ineens ben ik hem beu. Wil ik een andere. Man zou Man niet zijn om daar
iets mee te doen. Een paar dagen later verrast hij mij met een mooie agenda. Terwijl
ik de belangrijke dingen zoals verjaardagen, trouwdata en afspraken erin opschrijf,
denk ik aan iets van lang geleden.
Ik zit
in de tweede klas van de Mulo. Veertien ben ik. In de klas ook G. Hij is
zeventien. Hij is mijn vriendje. Niemand weet dat. Denken wij. Zowel G als ik krabbelen
lieve woordjes in de agenda. Tekenen hartjes met een pijl erdoor en onze
voorletters erbij geschreven. We schrijven briefjes voor elkaar. Die bewaren we
in de agenda. Een Ryam.
![]() |
| Een heel boekwerk |
Blijkbaar
heeft het hoofd van school gemerkt dat er tussen G en mij iets gaande is.
Blijkbaar heeft hij ons in de gaten gehouden. Wij hebben niets in de gaten
gehad. Tijdens het maken van een proefwerk pakt hij G’s agenda en ook die van
mij. Als de school uit is geen spoor van meester H. Onrustig en bang voor wat
er komen gaat loop ik naar huis.
’s
Avonds staat H voor de deur, in zijn hand mijn agenda. Ik smeek hem niets tegen
mijn ouders te zeggen, maar daar komt hij juist voor. Bij het gesprek mag ik
niet aanwezig zijn. Word naar de slaapkamer gestuurd. Wat er allemaal besproken
is tussen mijn ouders en H heb ik nooit geweten. Ik krijg huisarrest, een paar
klappen en boze gezichten. Moeder moppert aan een stuk door. Tussen G en mij is
er dan nog nooit iets gebeurd, zelfs geen kusje op de wang.
Een paar
weken later mag ik eindelijk weer naar oma. Vertel haar wat er is voorgevallen.
Nadat zij mij heeft aangehoord mag ik samen met G bij haar het huiswerk maken. Jaren
later pas besef ik hoe slim oma dat heeft aangepakt. Zo heeft zij toezicht en
ontmoeten wij elkaar niet stiekem op straat.
Op een
middag, oma met haar breiwerk en G en ik aan tafel bezig met het huiswerk, staat
mijn vader met zijn fiets voor het raam. Het zal niet lang duren voordat hij
binnen is. De voordeur van oma’s huis staat altijd open. Het is een café
geweest waar de mensen zo binnen liepen. Al is het geen café meer, de deur
staat nog altijd open.
Ik hoef
jullie niet te vertellen hoe snel G zijn spullen bij elkaar heeft geraapt en ik hem de
slaapkamer van oma heb binnengeduwd. Daar heeft hij meer dan een uur gezeten.
