Een
en al geroezemoes. Hoezo stiltecoupé? Tijdens mijn laatste treinreis heb ik mij
een beetje gestoord aan, maar vooral verwonderd over het gebrek aan stilte.
Bewust
hebben Man en ik deze coupé opgezocht nadat we de drukte van de stad achter ons
hebben gelaten. Er zitten maar een paar mensen. Een ouder echtpaar, lezend in
een boek. Een vrouw alleen, laptop voor zich. Een jongeman, pen in de hand, een
dik pak papier op schoot. Naast mij, aan de andere kant van het gangpad een
oudere vrouw. Starend door het raam en zo te zien, genietend van haar boterham.
Op elk station komen nieuwe reizigers binnen. Zich niet bewust dat zij
plaatsnemen in een stiltecoupé of men weet het wel, maar het deert hen niet.
Een
verliefd stel. Zij giechelend, pratend en zo nu en dan innig kussend met haar metgezel.
Als Man wijst op het vignet van de stiltecoupé vonken voor een moment haar
ogen, echter niet van verliefdheid.
De
conducteur, luid pratend met een jongeman die geen kaartje heeft en op weg is
naar Maastricht. Hij heeft geluk. Geen boete onder voorwaarde dat hij in Breda
uitstapt.
Bij
het naderen van een volgend station wordt omgeroepen in welke trein we zitten,
waar we zijn, waar we heengaan, op welke stations we nog stoppen en waar de
reizigers dienen over te stappen naar…
Na
weer een aantal minuten naar het gekraak van de intercom te hebben geluisterd
vergeet de conducteur de microfoon uit te schakelen. Zo is ook nog het gesprek
tussen hem en de machinist te beluisteren.
Een
vrouw zit bij de ingang van de coupé. Bij binnenkomst heeft zij haar kinderen erop
gewezen stil te zijn. De kinderen rennen door het gangpad, onderwijl roepend
naar elkaar. Als zij door een vrouw op hun gedrag worden aangesproken, geeft
een van de kleine mannen een grote mond terug. De moeder kijkt niet op of om,
zij leest een boek.
De
conducteur, waarschijnlijk klaar met de controle van de kaartjes, loopt neuriënd
langs.
De man zonder kaartje is er ook weer, weggedoken in een
hoek. Stil.
